de stilte galmt op de muren wipkip ontdaan van kinderhandjes bladeren afgelikt door de wind zuur vervreemd zwarte straatjes ooit ekend door slakgelei op de twee eenden zonder kop na weet nu even helemaal niemand wat de rest van de dieren doet
noknok wie is daar? ik zal kadavers plaatsen op plekken waar jij het nooit verwacht niemand weet dat ik het was en jij zal het denken maar nooit zeker weten je zal je lange haar doorborstelen en steeds meer plukken verliezen vinden in de hekken van verwarring maar het is je eigen schuld je had me nooit fout moeten noemen